klassieke massage

De handgrepen die bij de klassieke massage gebruikt worden zijn vrijwel gelijk aan die bij de sportmassage. Bij de klassieke massage wordt er meestal langzamer en zachter gewerkt. De massagetechnieken die afwisselend worden toegepast zijn voornamelijk:

·         effleurages oftewel strijkingen

·         pétrissages oftewel knedingen, waarbij druk wordt uitgeoefend op onder de huid liggende weefsels, zoals spieren  

·         fricties, dit is een stevige massage op één plaats die vaak in cirkelvormige bewegingen wordt uitgevoerd

·         vibraties of schuddingen

·         tapotementen oftewel het kloppen, hakken en slaan.

Door al deze technieken wordt de doorbloeding van de weefsels gestimuleerd, helpt het de afvalstoffen af te voeren en verbetert het de spierfunctie en de stofwisseling van de spieren.